logo-bns-app.png



« Durft u nog via het web te bankieren? | Index | De parabel van het slagschip Microsoft »

November 09, 2002, by Léon Krijnen

Het flauwekul-detectiepakket   

We leven in een wereld waar zangers en muzikanten, acteurs, politici en zij die toevallig aardig tegen een bal kunnen slaan of schoppen, halfgoden en idolen zijn. Terwijl onze ware helden wetenschappers zouden moeten zijn, de artsen, filosofen, onderzoekers, biologen, de winnaars van de Nobelprijzen.

Mensen die hun hele leven nieuwsgierig blijven, en die, naarmate ze meer leren en ontdekken, steeds vaker tot de conclusie komen dat ze bijna niets weten. Dat in tegenstelling tot de kwakzalvers van deze wereld, die alles denken en beweren te weten, en die overal een oplossing voor hebben. Van zweetvoeten tot kanker, van ingegroeide teennagels tot hersentumoren, de Yomanda's en andere zelfbenoemde goeroes kennen geen twijfel. Terwijl iedere arts, iedere wetenschapper weet dat er slechts n ding in ons leven zeker is, en dat is dat er niets vaststaat.
Wie ouder en wijzer wordt - dat gaat niet altijd samen - zal vaker de schouders ophalen als hij op verjaardagen of in wandelgangen geconfronteerd wordt met de dagelijkse portie rabiate nonsens. Hetgeen niet altijd meevalt voor hen die niet van flauwekul houden, niets van sterrenbeelden moeten hebben, en die een beetje recalcitrant worden als er goeroes, antroposofen, gebedsgenezers, gifmengers, hypnotiseurs, Montignac'ers of handopleggers in de buurt zijn. Iedereen mag van mij geloven wat-ie wil, als ik er maar niet mee lastig gevallen word. Ze doen maar en ze mogen van mij best beweren dat er tussen aarde en hemel (bestaat die?) veel meer is dan ik denk dat er is. Maar omdat je niet alles over je heen kunt laten gaan, is daar gelukkig de Skeptics Society.
Bent u genteresseerd in wetenschap, al dan niet voorzien van het voorvoegsel pseudo, neem dan eens een kijkje op de website van de Society, of op die van het Nederlandse genootschap van sceptici. De site gaat met de tijd mee, want er kunnen nu ook boeken besteld worden waarin allerlei beweringen genadeloos ontrafeld worden tot wat ze niet zijn. Zoals de claims van James van Praagh, een Amerikaanse paragnost die beweert dat-ie nog levende mensen met reeds overleden vrienden of familieleden in contact kan brengen. Verrekte handig: je kunt er ook The Baloney Dedection Kit bestellen, een handleiding van door kwakzalvers veel gebruikte redeneringen en technieken, hoe flauwekul te pareren en door te prikken. Op de website kunt u ook lezen hoe Michael Shermer gehakt maakt van de beweringen van Van Praagh, en van welke technieken de paragnost gebruik maakt om de mensen die in hem geloven, voor het lapje te houden.
Als u contact wilt met een dierbare overledene is er overigens wel een methode, waarvan de werking niet wordt betwijfeld door het genootschap. Al zou de titel van het project van Lynn N. Svevad anders kunnen doen vermoeden: Forever By My Side Ancestral Computer Program. Maar deze computerprogrammeuse levert waar voor haar geld. Om de output van Forever by my Side te realiseren, is wat beeld en geluid nodig. Dat dient opgenomen te zijn voordat degene waarmee men contact wil houden, het tijdige met het eeuwige verwisseld heeft. Daarna begint het programmeerwerk van Svevad.
Zij isoleert uit beeld- en geluidsmateriaal verschillende gelaatstrekken, woorden, lichaamstaal, posities, zeg maar alle uiterlijkheden die de ene mens van de andere doen verschillen. Het programma kan luisteren en praten en daarmee is het interactief, het kan reageren op spraak, en ooit op beeld. Het idee is simpel, de implementatie betrekkelijk eenvoudig, de uitvoering een heidens karwei. Het uiteindelijke doel: een hologram van de overledene, die via de computer interactief reageert, alsof hij nog leeft. Het kan nog even duren, maar ooit zal het goed werken. Figuren zoals Van Praagh zullen vervolgens als eersten dergelijke programma's misbruiken om met terugwerkende kracht hun gelijk aan te tonen. Wedden?

Posted: November 9, 2002 10:34 PM (614 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .