logo-bns-app.png



« Dwangarbeiders in de zoutmijnen van Microsoft | Index | XP: aan de virtuele leugendetector »

May 19, 2001, by Léon Krijnen

Strategische alliantie of koude oorlog?   

Het nieuws in de dot.com wereld wordt de afgelopen maanden gekenmerkt door malaise en droefenis. Toch lopen er in die wereld nogal wat rond die op tijd een al dan niet zinkend schip verlaten hebben. Die hun toko verkocht hebben aan de tegenpartij, en, ondanks het feit dat ze daardoor multimiljonair geworden zijn, directeur blijven van de overgenomen divisie.

In plaats van de rest van het leven op een tropisch eiland te gaan liggen, cocktail in de linkerhand, rechts een dikke Cubaanse sigaar van de beste kwaliteit. Kennelijk omdat ze het leuk vinden om baas te blijven spelen, of vanwege workalcoholisme. Zoals de opperbevelhebber van Startpagina, die zijn handel aan VNU verkocht voor iets van zeventig miljoen gulden, en zijn generaals in de kou liet staan.
Het is een van de redenen dat Microsoft groot geworden is: het opkopen van kleine bedrijven met goede ideen of producten. Vermeer, om er maar eens een te noemen. Niemand kent zijn naam nog, terwijl de hele wereld denkt dat Frontpage door Microsoft gemaakt is. Dat was dus een succesnummer en de aankopen die niks bleken te zijn waren, het geld toch waard, want een concurrent was de nek omgedraaid.
Zolang de malaise voortduurt, worden links en rechts samenwerkingsverbonden afgesloten. In de internetwereld heet zoiets een strategische alliantie, en wie in die wereld serieus genomen wenst te worden, spreekt dat op zijn Engels uit. Wie in een strategic alliance moet werken, zal in stilte vaak bidden datie overgenomen wordt door een sterke partner. Allianties zijn veelal ondingen, die tot vertraging en verspilling leiden.
Les een van het projectmanagement, zo heb ik me laten vertellen door iemand die aan les twee begonnen is, is dat je moet zorgen dat je maar een opdrachtgever hebt. Neem je van twee kanten opdrachten aan, dan wordt je op korte termijn stapelgek, want je zit aan alle kanten klem. De een wil dit, de ander dat, en iedereen klaagt, omdat je niet hard genoeg naar zijn pijpen danst.
Zelf draai ik in Amsterdam dagelijks met veel plezier rondjes mee in een soortgelijk circus. Wegener, onze moedermaatschappij, heeft 21 portals op het world wide web, die door negen internetredacties gevuld en geredigeerd worden. Negen hoofden internet overleggen over wat ze willen op het net, met last en ruggespraak naar hun respectievelijke hoofdredacteuren. Want die hebben uiteindelijk het laatste woord met betrekking tot de content.
Ten behoeve van al die internetredacties is in Mokum een facilitair bedrijf opgericht, waarin de afdelingen sales, portal unit, business unit, een afdeling concepts en design, en een redactioneel ontwikkelteam zoveel mogelijk leuke dingen proberen te verzinnen en te realiseren. Dat laatste is het leuke van het werk, maar dagelijks komt er bij alle betrokken partijen een dosis frustratie en irritatie aan te pas. Onvermijdelijk gevolg van de veelheid aan communicatiekanalen, de verscheidenheid aan opdrachten, verzoeken en reacties die via dat Gordiaanse netwerk in Amsterdam belanden, of de deur uitgaan.
Bij PCM, de landelijke concurrent van Wegener, uitgever van onder meer Algemeen Dagblad, NRC, Volkskrant, Trouw en Het Parool, hebben ze kennelijk dezelfde problemen. Daar leeft het idee om een nationale nieuwsportal te gaan maken, in plaats van de websites van de kranten. De redactie is al benoemd, er is een hoofdredactrice benoemd, maar de individuele kranten willen er niet aan, en weigeren samenwerking.
Vanuit dat kamp is geopperd om het dan maar samen met Wegener te gaan doen. Het zou me verbazen als over dat initiatief in mijn onmiddellijke omgeving nog niet nagedacht is. Wat ik ervan vinden moet, weet ik niet, want ik zie zowel de voor als de nadelen. Mijn conclusie zou er ook niet toe doen, want ik weet zeker dat een dergelijke strategische alliantie niets anders dan een lange koude oorlog zou kunnen worden.

Posted: May 19, 2001 02:08 AM (623 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .