logo-bns-app.png



┬ź Millenniumbug: de fraude van de eeuw? | Index | Cyberslacking door de outback ┬╗

January 15, 2000, by Léon Krijnen

Nonsens? We leven toch nog?   

De oude Tom Leahy heeft een mooi leven achter de rug. Op zijn 16e werd-ie door zijn dominante vader naar Papoea Nieuw Guinea geschopt, de oostelijke, Australische helft. Om daar als stalknecht te beginnen op de boerderijen van zijn drie ooms. De legendarische Leahys die in de jaren dertig als eerste blanken de binnenlanden van PNG introkken, en honderden stammen met allemaal verschillende talen ontdekten. Die Leahys hadden een 8 mm film camera bij zich, en op basis van de filmpjes die ze daarmee maakten, is begin jaren tachtig de film gemaakt met de titel 'First Contact'.

De jonge Tom Leahy was een stotteraar. Die handicap overwon hij door 's avonds hardop Engelse poezie uit een boekje te declameren. Vijftig jaar later kent hij nog steeds de verzamelde werken van Byron, Keats en Shelly uit zijn hoofd. De Leahys zijn van oorsprong Ieren, maar volgens de Papoea's had 'Young Tom' een zwart hart. Een van de eerste blanken die Pidgin beheerste, de taal waarin uiteindelijk al die verschillende stammen met elkaar zouden gaan communiceren.
Tom Leahy werd eerst boer - met zesduizend koeien en vierhonderd werknemers - en daarna politicus. In Pidgin sprak hij een volgepakt stadion in Port Moresby toe, bracht iedereen aan het lachen, en werd daarna gekozen als de hoogste vertegenwoordiger van de Australische regering in PNG. De afgelopen twintig jaar is hij rentenierend hobbyboer, en ontvangt hij gasten uit Japan, Amerika, Ierland en Nederland.
Old Tom is in zijn element als hij 's avonds op het terras van Corowa zit, whisky bij de hand, vertellend over zijn 33 jaren in PNG. Een ghostwriter is bezig aan een boek over zijn leven, maar dat mag van Tom pas gepubliceerd worden als hij dood is. Hij heeft geen zin in mensen die boos worden over dingen die dertig jaar geleden gebeurd zijn.
Het is het klassieke probleem van iedere biograaf. 'Als je iedereen te vriend wil houden blijft er een slap verhaal over, waar niemand in ge´nteresseerd is, en als je de waarheid vertelt, zijn er veel mensen kwaad. Ze publiceren het maar als ik weg ben.'
Computers hebben geen enkele rol gespeeld in het leven van Tom Leahy, hoewel sinds kort een pc in zijn kantoortje staat. Maar die is, zoals miljoenen pc's over de hele wereld, aangesmeerd door iemand die vindt dat niemand zonder een computer kan. Dat ding staat daar, maar er is niemand die het gebruikt. Er is dus ook geen millenniumprobleem geweest, veertien dagen geleden.
Wat ik van dat millenniumprobleem vond, vroeg Tom me in december, nadat hij voor de honderdzoveelste keer een item over de aanstaande moeder van alle rampen had gezien op zijn televisie.
'Goede vraag', dacht ik, en 'wat zal ik blij zijn dat die niet meer gesteld gaat worden na een januari, door al die mensen die denken dat ik verstand van computers heb.'
Die vraag is nu, veertien dagen na dato, gemakkelijk te beantwoorden, en ik zou kunnen proberen om u wijs te maken dat het allemaal precies zo verlopen is als ik altijd voorspeld had. De waarheid is dat ik altijd verteld heb dat ik geen flauw benul had van wat er allemaal fout zou gaan. Ik heb er nooit aan getwijfeld aan dat de ATM's (flappentappers) zouden blijven werken, dat er op 1 januari gewoon getankt zou kunnen worden, dat niemand in liften vast zou komen te zitten en dat er geen vliegtuigen uit de lucht zouden vallen. Maar wat er wel fout zou gaan, daar had ik geen enkel idee van.
Dat ik dat gezegd heb, valt te controleren, want ik heb het vaak genoeg geschreven. Dat gezegd - en geschreven - hebbende, heb ik voor de zekerheid op 31 december een paar honderd dollar extra uit de muur gehaald en de tank van de Toyota volgegooid. En heb ook ik op 1, 2 en 3 ieder uur nieuwsgierig naar Australia National op de autoradio geluisterd. Want we zaten in Nindigully - middle of nowhere - zonder tv en internet, en tien uur voorlopend op Europa, twintig uur op de Amerikaanse westkust, en ik wilde het toch wel graag weten.
Deze week kwamen we vanuit het rode stof, het grote niets in het westen, weer aanwaaien op Corowa, en bleek Tom zelf een visie op het millenniumprobleem ontvouwd te hebben. Niet hoe het nu met die nullen en enen zat, maar wat de politiek - en het geld - er mee te maken hadden gehad, dat had-ie door.
Het hele verhaal had-ie zelf al een keer meegemaakt, eind jaren vijftig, in PNG.
Op een van de piepkleine eilandjes aan de Oostkant, richting New Ireland, woonde een stam die zijn eigen taal en een beetje Pidgin sprak.
Tom was er vaker geweest, als afgezant van de Australische regering.
'Een prachtig, bloeiend eilandje. Lachende mensen, papegaaien, kakatoes, honden, palmbomen. Toen we de buitenboordmotor afzetten was het eerste wat me opviel dat er geen honden meer waren, want die liepen er altijd tientallen op het strand te kwispelen. Daarna zag ik dat alle palmbomen omgehakt waren, er was geen kakatoe meer te bekennen, en er liepen geen koeien meer in de weilanden'.
'Holy Jezus, wat is hier gebeurd?'
'Bleek dat de plaatselijke toverman een boze droom gehad had. De palmbomen, de honden, de vogels, de koeien, zouden op een bepaalde datum wraak gaan nemen voor de duizenden jaren dat ze uitgebuit waren, en alle mensen van het eiland gaan doden. Er was maar een manier om dat te voorkomen, volgens de toverman. Dus hakten ze alle palmbomen om, sneden ze alle honden en koeien de keel door, en schoten ze wekenlang op alle vogels die ze maar konden raken'.
'Het was een triest gezicht. Daar zaten ze op het strand, zonder hun honden, honger te lijden zonder hun palmbomen en koeien, zonder vogels.'
'Ik was woest. Waarom ze die nonsens geloofd hadden?' 'Nonsens?', aldus de verontwaardigde stamleden. 'Helemaal niks nonsens. We leven toch nog? Als we zijn raad niet opgevolgd hadden, dan waren we nou allemaal dood geweest!'
'Er viel niets tegen in te brengen', aldus Tom Leahy, veertig jaar na dato, 'en volgens mij is het met dat millenniumprobleem precies zo gegaan.'

Posted: January 15, 2000 09:50 PM (1017 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .