logo-bns-app.png



« Een vreemd gevoel | Index | Ik schrijf, en kan het net niet meer missen »

December 11, 1999, by Léon Krijnen

De Early Bird Special   

Af en toe vraag ik mezelf wel eens af wat er van me terecht gekomen zou zijn als ik toch in het leger terecht gekomen zou zijn. Zou de sergeant die ik nooit gekend heb, er in geslaagd zijn om de discipline erin te hameren? Ik weet het niet, maar ik merk aan mezelf dat - in tegenstelling tot de wijsheid - de zelfdiscipline met de jaren vanzelf niet gearriveerd is.

Dit is daarom, voor de tweede achtereenvolgende keer, een historische Interface. Die van vorige week omdat hij de eerste was die alleen digitaal, en niet op papier verspreid werd, deze omdat hij voor de eerste keer in vijf jaar te laat is. Het is daarom wellicht verstandig om ze allebei te bewaren, vanwege dat beetje extra waarde. Je weet maar nooit,. wie weet kunt u ze over een paar jaar op een of andere digitale veiling aanbieden en brengen ze nog een paar centen op.
Te laat dus, omdat er tot begin 2000, wanneer er weer genoeg papier voorhanden is om ook de weekly en de multi-media bijlage te verspreiden, voor mij geen deadline geldt. Iedere journalist leeft bij de deadline. Meestal zijn die dreigingen dagelijks, want de krant moet iedere dag gevuld worden via een ingewikkeld patroon van afspraken tussen verslaggevers, grafici, fotograven, drukkers, advertentie-exploitanten, en bezorgers. Als alle goed gaat zien hoofdredactie en directie dat het goed is, en is het leven draaglijk. Maar als een stukkie nog niet binnen is terwijl de deadline in zicht begint te komen, heb je poppen aan het dansen. Zit je op de krant op je nagels te bijten dan komt er eentje die zich chef mag noemen, quasi belangstellend langsslenteren en informeert 'hoe het gaat'. 'Sodemieter op', grom je dan maar even, 'want anders kom ik nooit op tijd klaar'.
Zit je ergens anders, thuis, of op een of ander perscentrum, dan piept binnen de korste keren de GSM en als je die uitzet, dan sturen ze tegenwoordig een mail op hoge poten: 'als het niet binnen tien minuten binnen is, dan kwakken we er iets anders in'. U merkt het: die televisieseries over central newsdeks zijn echt niet zo ver bezijden de waarheid. Het verschil zit hem misschien in het uiterlijk van de verslaggeefsters en de auto's waarin gereden wordt, maar de mate van overspannenheid waarin chefs en eindredacteuren verkeren is universeel.
Ik was al jaren gewend om donderdagmiddag 'dat stukkie over computers of internet' zoals zoiets - nogal wiedes - in de wandelgangen genoemd wordt, af te hebben. Als het klaar is kijk ik of een van de leden van mijn persoonlijke super-trio aanwezig is. Er zijn drie eindredacteuren waaraan ik onvoorwaardelijk alles overlever wat ik geschreven heb. Krijg ik het ooit nog een keer de neiging om een boek te gaan schrijven, dan wordt een van hen - beter nog alledrie - mijn eigen eindredacteur, die zonder enige last of ruggespraak mag veranderen wat hem goed dunkt. Als mijn persoonlijke secretaris van dienst mijn werk heeft ontvlooid van type- en stijlfouten, is de donderdagse deadline gehaald, en gaat het leven weer verder.
Van maart tot november, acht maanden lang, was die deadline overigens naar woensdag verplaatst omdat ik toen, in Canada en de Verenigde Staten, en voornamelijk in het westen - Pacific Time - tien uur achterliep op Nederland. Da's tamelijk onpraktisch, want donderdagmorgen om negen uur is het in San Francisco al zeven uur s'avonds, dus voor de zekerheid zelf maar naar woensdag verplaatst. Nu, de afgelopen maand in Nieuw Zeeland en nu alweer een week of twee in Australi, is het weer wat relaxter werken, want nu loop ik weer tien - In Victoria en New South Wales - of negen - in Queensland - uur voor op Nederland.
Ik zit maandagmorgen om negen uur te tikken in 'Internet Express' het eerste internet caf dat ik drie of vier geleden aan de Gold Coast frequenteerde. In Nederland is het middernacht, zondagavond. Het is wat duurder dan in Nieuw Zeeland, tien Australische dollars per uur, maar wie om negen uur 's morgens begint, krijgt een 'Early Bird Special': twee dollar tot elf uur. Het is hier allemaal goed geregeld: op iedere machine zit een FTP-client, zodat je nog wat aan je site kan knutselen als je wilt, en de verbinding is een T1, die loopt als een tierelier. Het is schitterend weer, dus de tent staat ergens aan het water, en de motels mogen het weer even zonder mijn gekloot met de telefoons doen. Overigens waren de laatste twee motels die we hebben bezocht, eentje in Port Maquarie en eentje in Coolangatta, zowaar van een Australische telefoonstekker voorzien, maar met daarin een extra gaatje. Waarin je een normale 232 stekker kan steken, zonder het bed, of het nachtkastje af te moet! en breken. Eens zal het allemaal goed geregeld zijn en heeft iedere motelkamer een netwerkaansluiting waar je een ethernetkaartje in kan pluggen. Ik weet dat er intussen maar genoeg van dat soort hotels zijn, maar helaas zitten die in een andere prijsklasse dan de 45 Australische dollars die wij wensen te betalen.
In het begin had ik er moeite mee, maar ik ben er steeds gemakkelijker in geworden. Als ze zeggen dat-ie zestig kost, zeg je gewoon 'jammer' en loop je de deur uit en soms komen ze je dan achterna en blijkt het ineens voor veel minder te kunnen. Vanaf volgende week is dat tijdelijk afgelopen, want dan beginnen hier de zomervakanties, en moet je zelfs op de camping reserveren. Ik vraag me af of ze hier dan ook de 'Early Bird Special' tijdelijk de nek om zullen draaien. Er bestaan nog steeds merkwaardige prijsverschillen tussen de internetcafs Down Under, zowel in Australi als Nieuw Zeeland. In Auckland en Christchurch was het door de bank genomen vier of vijf dollar per uur, en dat was inclusief het gebruik van een scanner. Hier is het ineens tien of twaalf dollar per uur - en de Australische dollar is een procent of dertig duurder dan de Kiwi-dollar - en moet je voor een foto 2,50 per scan dokken. Bovendien - in tegenstelling tot die motels - valt er hier over de prijs niet! te praten. Een keer was ik zo stom om tegen zo'n digitale cafbaas te klagen over de willekeur van zijn prijzen en dat het in Nieuw Zeeland zoeveel goedkoper was en natuurlijk lag het antwoord voor de hand: I couldn't care less, mate, why don't you swim back tot the bloody Kiwi's?'.
P.s. vergeef me de tikfouten. De Early Bird Special is er eentje zonder Nederlandse spellingcontrole en mijn uur is ver voorbij.....

Posted: December 11, 1999 01:18 AM (1084 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .