logo-bns-app.png



« Jaloers? Ik? Hoe komt u erbij! | Index | Maakt me niet uit hoe, als het maar werkt »

August 28, 1999, by Léon Krijnen

Tien dagen zonder toetsenbord: hoezo, verslaafd?   

Zogauw er weer een stukkie in de krant verschijnt over een socioloog die onderzoek verricht heeft naar het wel en wee van hen die dagelijks vaak achter een computer zitten, is het weer raak. Krijg ik weer e-mailtjes waarin het allemaal nog een keer herhaald wordt. Men veronderstelt voorzichtig dat ik wel eens zo'n netverslaafde zou kunnen zijn, iemand die niet met zijn fikken van een toetsenbord af kan blijven en die het liefst de godzalige dag in cyberspace zou bivakkeren.

Volgens mij is het allemaal een kwestie van jaloezie en kunnen die grappenmakers niet uitstaan dat ik in de tijd van de baas mag doen wat zij zelf ook zo leuk vinden. Dat ik er ook nog voor betaald word, is natuurlijk helemaal om groen van te worden.
Maar verslaafd? Het viel nogal mee met de ontwenningsverschijnselen, kan ik u melden, na een dag of tien amper een toetsenbord aangeraakt te hebben. Na dat gesjouw met die Toshiba op en neer naar die telefoon op de balie van een camping in Glacier Park, Montana, had ik er even genoeg van. De campings in de Canadese nationale parken van Banff en Jasper maakten die keuze een stuk gemakkelijker, want daar viel helemaal niks te communiceren. Wel bleek er in Banff een internetcaf te zijn, met een lekker snelle gebundelde ISDN-verbinding, waarvan ik noodgedwongen nog een keer gebruik van gemaakt heb om het een en ander naar het thuisfront te sturen.
Voor de goede orde: dat was dus niet vanwege mijn lol, maar vanwege de verplichtingen. Door die verplichtingen zit ik nu in een motel in Jackson Hole, Wyoming, naar mijn Toshiba te staren.
Mijn eerste vraag is tegenwoordig bij zo'n balie of ik de boel kan inpluggen, nog voor ik wil weten wat de kamer kost. Een paar jaar geleden moest je dan altijd nog uitleggen wat je met de telefoon uit wilde gaan vreten en vaak vertrouwden ze dat niet.
Moest je eerst een verder blanco credit-card slip ondertekenen, voor het geval de telefooncentrale zou bezwijken onder die rare fratsen. Terwijl het natuurlijk andersom was en je modem de kans liep om de genadeslag te krijgen van zo'n telefooncentrale met een volt of tachtig op de lijn.
Tegenwoordig kun je bij Radio Shack een apparaatje kopen dat het lijntje even test voor je je modem eraan waagt, maar ik vergeet steeds om er eentje aan te schaffen. Dus sla ik in een nieuw motel iedere keer een kruisje voor ik de telefoonstekker in mijn 56k6 modemkaartje steek.
Overigens in de geruststellende wetenschap dat het interne 28k8 modem van de Toshiba er als backup ook nog steeds inzit. Ik veronderstel maar dat het net als met een paraplu gaat: zolang je die bij je hebt, regent het nooit, maar wee als je hem vergeet.
Gelukkig lopen tegenwoordig steeds meer mensen met een laptop een motel binnen en verwacht ik toch snel ook het 'internet ready' op de uithangborden, naast de 'hot jacuzzi' en 'free breakfast'. Het 1-800 nummer van Compuserve, equivalent van het Nederlandse 06-nummer, blijft een uitkomst.
In vrijwel ieder motel krijg je na de 9 een buitenlijn, waarna je gratis lokale nummers kan bellen, of een 1-800. Jackson Hole mag zijn naam van gat dan wel niet waarmaken, want het is een levendige boomtown, grenzend aan Yellowstone en Grand Teton, en daarom geheel gericht op toerisme. Desondanks blijken zowel Compuserve als UUnet nog geen batterij modems in Jackson genstalleerd te hebben, zodat het nationale 1-800 nummer uitkomst biedt. En het werkt, altijd en overal, mij hoor je op Compuserve tegenwoordig nooit meer mopperen.
Een ding is dus nog steeds niet veranderd: wat u hier leest, is via draadjes tot u gekomen. Eerst het draadje van de Toshiba naar de muur van kamer 309 in de Days Inn.
Daarna de draad naar de telefooncentrale beneden, bewaakt door een vriendelijke kettingroker, een in Amerika snel uitstervend ras. Hij doet het dan ook stiekem, maar kan niet verhelen dat hij naar rook ruikt, en als er geen balieklanten zijn, staat hij, zoals alle rokers in Amerika, buiten, naast de voordeur. Vanaf de centrale gaat het verder naar een 'switch' in Wyoming, of waar die 1-800 ergens opgepakt mag worden. We zijn dan intussen op internet beland, zodat dit geschrevene via een mij onbekend aantal 'hops' op mijn eigen mail-servertje terecht komt.
Dat is niks meer dan een stukkie van een harde schijf op de hosting-service van TabNet, inmiddels overgenomen door Verio. Ik ga hier geen reclame maken, maar wijs toch maar even op het feit dat Verio inmiddels de grootste van de wereld is en nu ruim honderdduizend domeinen uit 170 verschillende landen draait. Ondanks dat mega, en ik begrijp de argwaan dienaangaande, krijg je meestal binnen 24 uur antwoord als je ze iets vraagt. Gelukkig hoef ik ze nooit zoveel te vragen, want de logboeken van mijn server laten zien dat-ie in twee jaar ruim negenennegentig procent 'up' en minder dan een procent 'down' is geweest.
Vanaf een computer van Verio, die waarschijnlijk in Napa staat, maar het kan ook ergens in Silicon Valley zijn, gaat de mail de backbone op, gaat vroeg of laat via glasvezel de oceaan over, en komt-ie via een aantal andere 'routers' op het domein bnstem.nl terecht.
Dat is gehost bij het rekenkundig centrum van de Universiteit van Amsterdam (SARA), waarna het dus nog naar de krant moet.
Dat gebeurt op het moment dat een redacteur in Breda 's morgens de e-mail checkt, waarna de tekst 'gedumpt' wordt op een harde schijf die ook door het redactionele tekstverwerkingssysteem van de krant gelezen kan worden.
Wat er daarna mee gebeurt valt buiten mijn competentie, en het resultaat van de verwerking zie ik, net als u, pas als ik de krant open sla of het op internet nalees. Soms tevreden, en soms, als ze mijn tik- en taalfouten hebben laten staan, tandenknarsend. Voor het zover is, maar dat begrijpt u al, moet bovenstaand traject, maar dan de andere kant uit, nog een keer afgewerkt worden. Nog steeds via draadjes, zolang het duurt.
Het zal toch geen jaren meer duren voor ik een Toshiba heb met een intern draadloos modem dat minstens op 56k6 communiceert, maar misschien wel met een tien keer zo snel protocol. Lekker mailen bij het kampvuur, buffalobout op de barbie, blik bier in een emmer ijs, nooit meer een motel nodig. Hoezo, verslaafd?

Posted: August 28, 1999 02:05 AM (1059 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .