logo-bns-app.png



« Royke en Nieky | Index | De sociale staat van Nederland »

December 12, 2015, by Léon Krijnen

Hoe deed ie dat?   

Johan-en-Sjoke.jpg

Johan van Gurp met een van de portretten die hij in de jaren zeventig en tachtig van Sjoke Jansen gemaakt heeft, die haar hele leven in haar uit 1619 daterende authentieke boerderitje gewoond heeft.

Hoe vaker ik met mijn camera's door Breda loop te clicken, hoe meer respect ik voor mijn voorgangers krijg. Wat heb ik het gemakkelijk met met zo'n computer met een lens erop. Zó veel gemakkelijker. Véél lichtgevoeliger en scherper dan waar ze drie of vier decennia geleden mee moesten werken, om van nog veel vroeger helemaal niet te spreken.

Toen iedere fotograaf maar voor één derde fotograaf was, voor één derde wiskundige, voor één derde scheikundige. Met rolletjes en lichtmeters in de weer, en daarna met belichters en bakken vol met chemische troep. En een haardroger om de kletsnatte afdrukken zo snel mogelijk te laten drogen, terwijl eindredacteuren, zetters of drukkers tegen de deadlines op de deur van de donkere kamer stonden te bonken.

Mijn fascinatie voor de fotografie is ontstaan aan de Reigerstraat. In het minieme donkere kamertje waar Johan van Gurp van 1968 tot de verhuizing naar het Spinveld in de herfst van 1980 ruim 200.000 negatieven belicht, ontwikkeld en afgedrukt heeft.

In die tijd fotografeerden alleen de fotografen, en mochten verslaggevers alleen maar schrijven. Maar ik ging vaak met Johan op stap, en alleen van het kijken naar hoe hij zijn camera beetpakte, mensen wegzette, en op het juiste moment wachtte, heb ik een hoop geleerd.

Denk ik, maar zelfs met die zwarte toverdoos met de teletoeter in mijn handen, waarmee ik ongestraft en zonder extra kosten desnoods 1000 keer kan schieten voor één geslaagde foto, is het resultaat nog steeds maar al te vaak frustrerend.

Terwijl ik min of meer met een mitrailleur aan het vissen ben: ik raak altijd wel iets.

Een bevriend professioneel fotograaf bekende me onlangs dat ie bij een voetbalwedstrijd voor één foto tussen de 350 en de 500 keer afdrukt.

Die geruststellend woorden maken mijn respect voor mijn voorgangers alleen maar groter. Die kwamen met één onnozel zwart-wit rolletje van 36 stuks terug van NAC-Ajax, en het was altijd goed. Hoe deden ze dat in godsnaam?

Er is één trucje van Johan dat ik goed onthouden en onbeschaamd gekopieerd heb: wachten.

Wachten tot er iemand door het beeld loopt, of fietst.

Doe ik dus, om alweer maar al te vaak te mopperen op mezelf als ze op de iMac in beeld verschijnen.

Staat dat gebouw er perfect op, maar is die fietser nét niet helemaal scherp.

Damn!

Hoe deed ie dat?

Zie ook: 4 decennia, 257.255 foto’s, 1 fotograaf

Posted: December 12, 2015 12:47 PM (432 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .