logo-bns-app.png



« De Tombstone Tourist | Index | The Missing Kids database »

August 24, 1996, by Léon Krijnen

Renaissance van de koude oorlog   

Kranten in Nederland hebben een redactiestatuut waarin ondermeer staat dat de hoofdredacteur de eindverantwoordelijkheid heeft over wat er allemaal naast de advertenties afgedrukt wordt. In een hoop landen is dat anders geregeld, maar hier heeft de uitgever niets te vertellen over wat er in de redactionele kolommen van de krant terecht komt. Da`s maar goed ook, denk ik dan, maar er zijn ongetwijfeld courantiers die daar anders over denken.

De directeur van deze krant zou er waarschijnlijk niet gelukkig mee zijn als ik in een artikel uit zou gaan leggen hoe u aan een krant kan komen zonder al die advertenties waar u helemaal geen behoefte aan heeft. Een mooi krantje met alleen maar nieuws en foto`s, of, als u daar ook al niet op zit te wachten, desnoods ook nog zonder die foto`s.

Het lijkt u wel iets? In dat geval moet ik u teleur- en uitgevers geruststellen, want dat kan niet. U krijgt óf de complete krant op de mat, met alles d`r op en d`r aan, óf u krijgt niets. Want als een uitgever u wel voor de keus zou stellen, kan onmiddellijk voor het leeuwendeel van de adverteerders ex- gezet worden, hetgeen de krant op korte termijn fataal zou zijn.

Verder kunnen we daarover filosoferen tot we een ons wegen, maar dat heeft allemaal weinig zin, want de mogelijkheid bestaat niet en aan de achterkant van wat u hier leest staan waarschijnlijk advertenties. Ik schrijf waarschijnlijk omdat ik me iedere week opnieuw afvraag waar deze rubriek terecht komt in dat zomerschema met zijn afwijkingen van het normale. Overigens heb ik voor de liefhebbers goed nieuws, want met ingang van 6 september verschijnt de Interface op de achterpagina van de weekly, die verder, in kleur, volledig aan computers, internet, surfen en aanverwante onderwerpen gewijd zal zijn.

Met ook, uiteraard, hier en daar een zogenaamde ingezonden mededeling, oftewel, zoals in ons jargon een advertentie heet die op een redactionele pagina geplaatst wordt: een IM of IM`metje. Die horen er ook bij, of u dat nou wel of niet leuk vind, ze staan vast op dat papier.

Dat is anders in cyberspace, die bestaande, verzonnen wereld, want het is niets meer dan elektronische enen en nullen die over telefoon- of datalijnen heen en weer geschopt worden. Desondanks vertoont het leven in die uit een heleboel duimen gezogen wereld opmerkelijke overeenkomsten met de dagelijkse besognes in de echte wereld.

De bankafschrijvingen voor wat ik in cyberspace uitgespookt en gekocht heb staan tussen die van Albert Heijn en de Esso. In mijn twee elektronische postbussen belandt tegenwoordig ongeveer hetzelfde pakket dat dagelijks in drie of vier happen door die messing gleuf in de groene houten voordeur glijdt: brieven, junk-mail, kettingbrieven, kranten, clubblaadjes, de Wachttoren of een brandbrief van de hoofdredactie.

Als ik weer eens naar een programma over de houtkap in Brazilië heb zitten kijken neem ik me weer voor om zo`n sticker op de brievenbus te plakken: geen reclame svp, no junkmail please. Aan de andere kant: ik geef toe dat ik driekwart van dat spul doorvoos, op zoek naar koopjes die ik nooit koop, maar ik heb nou eenmaal iets met die folders van de Gamma en Bouwvaria, daar kan ik ook niks aan doen.

Het hindert me ook niet echt en als we al dat oude papier netjes als oud papier gescheiden klaarzetten, dan zullen ze er wel weer nieuw oud papier van maken. Wat dat betreft is het precies hetzelfde liedje met die elektronische junk-mail. Op een gegeven moment begin je een beetje handigheid te krijgen in het herkennen van dat spul en dan druk je al voor je aan de eerste zin begint op de delete-button, en is het foetsie.

Ook tijdens het rondstruinen op het world wide web, wordt je tegenwoordig steeds vaker tegen je zin geconfronteerd met reclame. Daar heb je wél last van want die reclame is vrijwel altijd grafisch aangekleed en dus duurt het langer voor een pagina binnen is. Maar, in tegenstelling tot bij een papieren krant, kun je daar dus wel wat aan doen.

Om te beginnen kun je, tenminste in Netscape, maar ik neem gemakshalve maar aan ook in andere browsers, de optie auto load images uitzetten. Dan krijg je, een stuk sneller, alleen maar tekst binnen, maar het ziet er allemaal een beetje slordig uit omdat de plaatjes door rare tekens en vierkantjes vervangen worden. Bovendien blijkt meestal dat de reclamejongens er wel voor gezorgd hebben dat er een reclametekst tevoorschijn piept op de schermen waar de graphics de toegang ontzegd is.

Een paar whizz-kids hebben een en ander nu op een andere manier aangepakt. Er zijn nu twee verschillende programma`s waarmee de liefhebber van een krant zonder reclame op zijn wenken bediend wordt: NoShit en PrivNet. Dat laatste heb ik niet verzonnen, zo heet die site echt, maar na een felle discussie met nogal wat Amerikaanse fatsoensrakkers gaan ze zich nu geloof ik WebFilter noemen.

Shit of niet, NoShit, net als PrivNet, lijkt rechtstreeks van de makers van StarTrek geleend te zijn. In die serie leggen ze wel eens een magnetisch veld tegen laserstralen afkomstig van vijandelijke starships. Of zoiets, maar neem het me niet kwalijk als ik er hier een beetje naastkleun, want ik ben wel een liefhebber van het gedachtengoed van Jean Luc Picard, want die leeft tenminste écht in cyberspace, maar een gediplomeerd Trekkie mag ik me daarom nog lang niet noemen.

NoShit en PrivNet vormen ook een soort magnetisch veld, maar dan tegen reclame. Als ik het goed heb Ik heb de afgelopen week geen tijd gehad om daar ook nog eens mee te gaan spelen, maar ik ben benieuwd naar de reacties van degenen die er wel tijd voor hebben. In de Verenigde Staten is de afgelopen weken in ieder geval al een hoop kabaal uitgebroken over die twee reclameafweerschermen.

Nogal wiedes zijn de uitbaters van de commerciële sites er niet zo blij mee en schreeuwen ook de adverteerders van de grotere sites moord en brand. Op steeds meer sites die duizenden of meer malen per dag bezocht worden krijg je nu al, als je browser dat tenminste aankan, een steeds wisselend soort reclamefilmpje voorgeschoteld, en dat levert grof geld op. Komen er ineens een paar grappenmakers die een shell maken waardoor die reclame weggepoetst wordt!
Ik wed dat er nu een soort bewapeningswedloop aan het ontstaan is.

De schrijvers van die reclamesoftware zijn regels code aan het uitproberen waarmee NoShit en PrivNet om de tuin geleid kunnen worden. Zodra dat gelukt is passen de makers van PrivNet en NoShit hun code weer aan. Het wordt een renaissance van de Koude oorlog, maar nu in cyberspace.

Lachende derde zijn de boys van Adobe, die met hun Portable Document Format (PDF) een andere standaard op het web in proberen te voeren. In PDF geformatteerde pagina`s, waarvoor je de gratis Acrobat nodig hebt om ze te kunnen lezen, zien er grafisch een stuk gelikter uit dan in HTML, en wat er op staat blijft erop staan. Daar kan NoShit of PrivNet niks aan veranderen.

Voor een mooi voorbeeld moet u maar eens gaan kijken op de site van de New York Times, waar Acrobat ook te downloaden is. Met één clickje erop zit u in New York. Prettige reis.

Posted: August 24, 1996 11:07 AM (1204 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .