logo-bns-app.png



« Wij zijn hier, maar niemand weet wat hij moet doen | Index | Polissen of websites: pas op voor Serafijn Lampion »

December 12, 1998, by Léon Krijnen

Investeer in laptop-oplappers en back-uppers   

Op BN/DeStem Online is een soort postkantoortje geopend, waarmee u zoveel kerstkaarten kan versturen als u maar wilt. Dat het niks kost, zal u waarschijnlijk meer aanspreken dan het andere argument, plots in de mode gekomen, om geen kerstkaarten meer te versturen: het milieu. Heeft kennelijk iemand uitgerekend hoeveel bomen moeten sneuvelen voor de jaarlijks kerstkaartengekte, dus dat is niet langer politiek correct.

Waarna iedereen, die eigenlijk allang geen zin meer had om iedere december de helft van zijn dertiende maand aan postzegels en kitsch uit te geven, dat argument omarmt. Vanwege het milieu doen ze er niet meer aan mee, en intussen rekenen ze stiekem uit wat ze, voor de verandering, dankzij datzelfde milieu niet uit hebben hoeven te geven.

Die woekerende natuurliefhebbers hebben nu nog een mazzeltje, want ze kunnen alsnog, en ook nog gratis, een digitaal kerstkaartje versturen aan iedere ontvanger die e-mail heeft. De échte krenten doen het tussen twaalf en twee, als het om die reden spitsuur is op de digitale snelweg, misschien niet in de tijd van de baas, want lunch-tijd, maar wel op een van diens internet-aansluitingen. Hoeven ze thuis niet aan te loggen, en dat scheelt misschien ook weer een kwartje.

Hetgeen bij mij de vraag opwerpt of internet eigenlijk wel zo milieu-vriendelijk is als iedereen denkt. Dat moderne computerspul gebruikt misschien niet zoveel stroom, maar is het niet net zo als met die varkens? De mest van een paar varkens ruik je maar amper, maar dankzij een paar miljoen stinkt heel Brabant naar ammonia.

Ik bedoel maar, al die miljoenen computers, routers, servers, hosts, scanners, telephone-switches, en weet ik veel wat nog meer, wat verbruikt dát allemaal aan stroom? Ik kan u verzekeren dat er stiekem heel wat afgestookt wordt in die krengen. Als je hier op de redactie 's morgens vroeg binnenkomt, is het een oase van rust, met een perfect beheerst klimaat. Tot er een paar uur lang een paar honderd monitors, pc-kasten, televisies, scanners en faxen hebben staan zoemen en de door hen geproduceerde warmte de centrale redactie op hebben staan blazen. Dat kan zelfs de nieuwe klimaatbeheersing niet bijhouden.

Voer voor de veronderstelling dat internet wel eens vervuilender zou kunnen zijn dan we denken, kreeg ik afgelopen week vanuit San Francisco aangereikt. De hele Bay Area, dus inclusief Oakland en Silicon Valley kwam dinsdag zonder stroom te zitten. Niet geheel toevallig bevindt zich in dat gebied de hoogste concentratie ter wereld van web-servers en routers. Californië heeft ook nog de strengste wetten ten aanzien van luchtvervuiling. Maar nood breekt alle wetten, dus stonden er dinsdag binnen de kortste keren in dat gebied duizenden diesel-aggregaten te dreunen en te puffen. Noodstroom, want het internet moest op gang gehouden worden.

Wie er iedere dag zitten te bidden om zo'n stroomstoring zijn de leveranciers van die aggregaten en van andere apparaten die bij acute stroomuitval meteen in actie komen. Hier maak je stroomuitval niet zo vaak mee, maar in Californië is het netwerk wat gevoeliger dan hier. Ondermeer vanwege de mogelijkheid van aardbevingen is daar alles bovengronds, zodat het na een bang weer snel gerepareerd kan worden. Maar vanwege die bovengrondsheids van kabels, palen en trafo's is het netwerk gevoelig voor bijvoorbeeld blikseminslagen en vrachtwagenchauffeurs die een bochtje te ruim ingeschat hebben. Stroomstoringen, al dan niet plaatselijk, komen er iets vaker voor dan hier, en daardoor is de markt voor power back ups ook ruimer dan hier. Ook voor de privé-pc'er, die een soort accu onder zijn machine heeft staan, die bij uitval, dankzij geavanceerde elektronica, binnen een duizendste seconde invalt.

Niet alleen voor power failures is er een markt in Amerika. Voor uw dagelijkse back-up, want dat doen we immers allemaal netjes, nietwaar, kunt u tegenwoordig ook op het net terecht. Wij kunnen dus ook ons voordeel ermee doen, maar ik ken nog niemand in mijn directe omgeving die er gebruik van maakt.

Ikzelf trouwens ook niet, maar wat ik echt niet kwijt wil, parkeer ik op mijn eigen servertje. Leuk detail: de computer van TabNet waarop ik diskruimte gehuurd heb voor mijn digitale speeltuin, staat in Napa, Californië. En dus kreeg ik dinsdag netjes een mailtje van TabNet, waar ze hun zaakjes goed voor elkaar hebben, dat meneer Krijnen zich niet druk hoefde te maken. Zijn data waren niet in gevaar, maar welk constant bereikbaar geweest. Mijn back ups zijn dus veilig, zolang ik mijn passwords alleen tussen mijn oren bewaar, maar voor wie geen FTP-toegang tot een eigen gebiedje heeft, zijn er tegenwoordig ook dergelijke mogelijkheden.

Dankzij David Cane van Connected Incorporated. Het 'Eureka' van Cane kwam in 1995, toen zijn vrouw een week of twee voor haar doctoraal literatuur per ongeluk op een paar verkeerde knoppen op haar laptop duwde. Waarna haar doctoraal-scriptie voorgoed in cyberspace bleek te zijn opgelost. Back-up? Eh, nee dus. Alles is goed gekomen, mevrouw Cane is een jaar later alsnog gepromoveerd, maar dat is bijzaak. Op die fatale avond ging bij haar David het licht aan, en inmiddels heeft hij van een geleend miljoen dollars het tienvoudige gemaakt.

Dankzij het groeiende leger van zakenlieden die met laptop de wereld afstruinen. Met zo'n ding kun je weliswaar back-ups maken, op floppen, of op zip-drives, maar die stop je daarna weer in dezelfde koffer. Dat gaat dus vroeg of laat fout met brand of diefstal, afgezien van het feit dat er nog veel meer fout kan gaan. De oplossing: een smart agent van David Cane op de laptop.

Zodra die aan het net hangt, bekijkt een interne snuffelaar de disk, kijkt wat er veranderd is sinds de laatste connectie, maakt in de achtergrond contact met Connected Incorporated en stuurt alleen de veranderingen door, zodat daar, streng beveiligd, ergens in Cyberspace, altijd een voledige back-up van uw laptop of pc klaar staat.

Cane vraagt 130 dollar per jaar voor die service en heeft een marketing-bureau laten uitrekenen wat er aan potentiële klanten rondloopt. Er blijken nu wereldwijd dagelijks zo'n 30 miljoen zakenlieden mét laptop rond te struinen, en in 2002 zullen dat er 120 miljoen zijn. Cane verwacht dat tegen die tijd driekwart van dat contingent tegen betaling gebruik zal gaan maken van een back-up via het web. Met een paar procent van die gebruikers leeft hij nog lang en gelukkig.

Intussen moet mijn Toshiba Tecra alweer terug naar de importeur. Nog steeds de naweeën van die val vorig jaar. Ik heb al een keer zevenhonderd gulden betaald om hem na te laten kijken, waarna hij genezen verklaard is. Kennelijk is de aandoening chronischer dan de laptop-oplapper optimistisch verondersteld heeft. Laat uw zoon leren voor laptop-oplapper: een beroep waar muziek inzit, nieuwe rijken. Of is het misschien een nóg beter idee om het ding in de hoek te laten staan en voor een paar mille aandelen in Connected Incorporated te steken?

Posted: December 12, 1998 11:49 AM (1127 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .