
Voorjaar: de schuur moet uitgeruimd worden. Een van de dingen die tevoorschijn komt is een muf ruikend koffertje. Het is kennelijk vochtig geweest, zwart uitgeslagen. Verroest, mijn oude Tandy 200 zit erin, met het akoestisch modem.
Nummer veertien, want dat heb ik er, met het adres en het telefoonnummer van de krant, met een soldeerbout op de achterkant in 1984 zelf ingegraveerd. Als redactioneel vertegenwoordiger in het systeem management (RSM) mocht ik ze uitdelen aan redacties en verslaggevers.
Nummer veertien, de laatste van de batch, reserveerde ik stiekem voor mezelf omdat ik erachter was gekomen dat de leverancier er per ongeluk twee geheugenbanken in gestopt had. Dat betekende 72KB RAM, inplaats van 24!
Tussen 1984 en 1990, tot de eerste Toshiba's arriveerden, heb ik hem over de hele wereld gesleept. Alle Grand Slams en Davis Cup finales, Het Melkhuisje, het NK in Scheveningen, Rosmalen, Antwerpen, de Grand Slam Cup in Munchen, ATP finales in Stuttgart en Parijs.
update: en met die Toshies vanaf 1990 meteen het internet op
Naar uit- en thuiswedstrijden van NAC, met Brevok naar Bordeaux, naar de finales van de wereldbeker driebanden op Majorca en in Istanbul. Dat allemaal gecombineerd met een jaar sabattical in 87/88, waarin hij een rondje over de wereld meeging. Het ding deed het altijd en overal. Vier penlight batterijen erin, en het werkte weer twintig uur.
De systeemroutine ken ik nog steeds uit mijn hoofd. Verhaal klaar? Modem aansluiten met de platte seriele kabel, nummer draaien in Nederland, wachten op het gekrijs van het corresponderende modem in Nijmegen. Hoorn in de twee rubberen flappen, rooie lampjes uitgeknipperd, groene lampje aan; F4, F3, enter, en dan zag je je verhaal regel voor regel vertrekken. Op 28K8 kon je het verhaal gaande het verzenden op je dooie gemak meelezen en de hoorn eruit rukken als je een tikfout voorbij zag komen.
Tandy 14 heeft twee decennia geslapen. Zou hij? Er zitten geen batterijen in, en dat is mazzel. Die zouden zijn gaan lekken en een ravage veroorzaakt hebben. Zou het?
Vier verse penlights erin; op knopje gedrukt, en jawel hoor, het werkt gewoon. Basic, Telcom, de adresbestanden, de spreadsheet en de tekstverwerker. Ergens in zijn ingewanden zit een piepklein batterijtje dat al die jaren het ROM in leven heeft gehouden.
Slechts een probleempje: tien jaar na dato kom ik voor het eerst een echt milenniumprobleem tegen.
Datum en tijd in de Olivetti's en de Tandy's moest je in Basic ingeven:
$time="11/30/00"
Ok
$date="30/04/10"
Ok
Mooi niet dus, want het resultaat is Friday, april 30th, 1910
Dat is dus een serieus millenniumprobleem, want in 1910 viel 30 april op een zaterdag :-)
Posted: April 30, 2010, 12:15 PM | Comments (3) |

Koen Quicken, eigenaar van Camping Liesbos (Breda): "Het bereik dat ik heb met sociale netwerken is groter dan ik in eerste instantie vermoedde. Sinds kort ben ik aan het twitteren en ik zie mijn netwerk snel groeien. Heel gemakkelijk bereik ik geïnteresseerden in heel Nederland, maar zelfs ook daarbuiten! Het mooie is dat mensen zelf bepalen welke informatie ze willen zien. Je zult dus met creatieve en interessante tweets moeten komen". Foto Kees Bennema.
Hyves, Twitter, Web 2.0, Google Maps, AdSense Campagnes, Blogs, RSS, Wikis, Widgerts, Mobiel, YouTube en nog een wagonlading vol termen uit de digitale wereld. Het toerisme in West-Brabant gaat internet innig omarmen.
De traditionele opening van het toeristisch seizoen vond gisteren plaats in de Skidôme in Rucphen, in samenwerking met de Kamer van Koophandel.
Voor de afsluitende borrel lijkt het echter meer een congres van webondernemers en marketeers dan een bijeenkomst van ondernemers in de toeristenbranche.
Het thema: Online delen is Vermenigvuldigen.
Doel: hoe alle mogelijke klanten met alle mogelijkheden van de moderne platformen te benaderen en over te halen als toerist West-Brabant te bezoeken.
Kern van de boodschap: wie de komende jaren met zijn toko niet nadrukkelijk aanwezig is op internet loopt een achterstand op.
Gasten zijn anno 2010 onvoorspelbaarder geworden. Informatie halen ze overal vandaan en accommodatie regelen ze steeds vaker op het allerlaatste moment via hun eigen mobiele internetverbinding.
Via datzelfde internet laten toeristen elkaar weten hoe het was, prijzen ze een gelegenheid de hemel in, of branden ze die helemaal af. Terwijl ze nog op hun vakantieadres zijn, vliegen de tweets over hun belevenissen de wereld over en zetten ze de video's op YouTube. Een vies zwembad, een smerige badkamer, of een chagrijnige beheerder? Vijf minuten later is het ergens te lezen op internet.
Over de hele wereld gaat dat zo, dus ook in West-Brabant. Sommige ondernemers fronsen de wenkbrauwen tijdens de twee flitsende presentaties over dit onderwerp, anderen staan te stuiteren om zo snel mogelijk aan de slag te gaan met al die nieuwe mogelijkheden.
In zijn openingspraatje houdt Chris Rutten, voorzitter van de Kamer van Koophandel een pleidooi voor meer samenwerking in het West-Brabantse toerisme. "Omdat er hier op toeristisch gebied veel gebeurt. Zo veel dat alle initiatieven dwars door elkaar heen lijken te lopen."
Hoe het web bij die samenwerking te betrekken, hoe mogelijke klanten via internet naar West-Brabant te lokken, daarover spreekt Goof Lukken, trendwatcher, vrijetijdsspecialist en docent aan de Academie voor Toerisme NHTV. Hij legt uit hoe je sociale netwerken in zou kunnen zetten met een voorbeeld dat meteen een primeur zou zijn. "Ik heb zitten googelen, maar ik heb nog nergens kunnen vonden dat er een toertocht via twitter is georganiseerd, terwijl dat een fluitje van een cent zou kunnen zijn en ook heel leuk."
Die tocht kan dan vooral worden gebruikt om de bezienswaardigheden in West-Brabant te promoten. "Want", had Lukken uitgerekend, "die staan niet eens in de top-tien van de activiteiten van toeristen in West-Brabant. Daar ligt een kans. Maar hoe je het doet, wat je ook doet", zegt de vrijetijdsspecialist, "zorg dat je kwaliteit levert, want dat blijft het allerbelangrijkste. Vroeger had je experts, de ANWB en sterren-systemen, tegenwoordig heb je internet. Als je geen kwaliteit levert, dan staat dat meteen op internet en kan iedereen dat lezen."
Wouter Gijsbertsen van Cliptoo presenteert daarna de website www.toerismeopdekaart.nl. Over kwaliteit gesproken: een website die het predikaat web 2.0 helemaal waarmaakt. Geënt op Google Maps is is het niet alleen een website, maar een applicatie die zowel de aanbieder van elke toeristische activiteit als de gebruiker, de toerist dus, geheel naar eigen voordeel kan gebruiken.
De essentie van het verhaal van Gijsbertsen wijkt nauwelijks af van die van Lukken: krachten bundelen, kwaliteit leveren, internet gebruiken. Gijsbertsen zet voor het gemak ene Marloes als doorsneeklant weg. Ze houdt van sporten, uitgaan, wijn inkopen en een weekeindje weg. "Dat regelt ze allemaal via internet", aldus Gijsbertsen, "en ze begint bij Google, zoals inmiddels bijna iedereen. Als Marloes je daar niet kan vinden, dan wordt ze in elk geval geen klant van jou."
Misschien wel een klant van de gastheer van gisteren, Nicky Broos van het Skidôme. Hij is op het web prominent aanwezig met een moderne website waar toerismeopdekaart.nl als voorbeeld in een widget wordt gepresenteerd. "Een widget? Zeg maar een klein stukje website dat in een andere website opduikt", legt Gijsbertsen uit.
Waarna de wegen van Marloes verder worden gevolgd, van de reservering via een fietstocht met behulp van een andere widget tot en met het verkondigen van haar belevenissen op internet.
Tussen alle digitale bedrijven door wordt ook nog even gesproken over kwaliteit in de klassieke zin, ingeleid door Gé Brogtrop. Daarbij gaat het om de vaste staanplaatsen op de West-Brabantse campings, die qua imago hier en daar wel wat opgepoetst zouden kunnen worden. Al gaat het van hieruit weer snel richting internet, waar de Stichting Kwaliteit Vrijetijdsvoorziening en Dienstverlening een ander initiatief heeft ontwikkeld, een website op het adres kwaliteit-recreatie.com. Dat is er overigens een die nog op web 1.0 is blijven steken. Maar de boodschap is ook hier helder genoeg: het streven naar kwaliteitsverbetering van dienstverlening en gastvrijheid. "Dat imago zou al heel wat beter zijn", vindt Koen Quicken, eigenaar-beheerder van Camping Liesbos in Breda, "als we aan belangstellenden voor een vaste staanplaats een garantie af zouden kunnen geven. Zodat die mensen zeker weten dat ze kunnen investeren in hun staanplaats zonder het risico te lopen dat de boel wordt overgenomen door een projectontwikkelaar die er huizen gaat bouwen." Waarbij aangetekend zij dat vaste staanplaatsen een belangrijke stabiele factor in het West-Brabantse toerisme vormen. Van de 28.000 zogenaamde verblijfseenheden zijn er 11.000 vast; dat is ongeveer 40 procent.
Waarna gastheer Broos vlak voor de afsluitende borrel de lachers op zijn hand krijgt met de belangrijkste tip voor iedereen. "We lullen veel te veel, en we plannen veel te veel. Lullen en plannen, dat moeten we allemaal veel minder doen. Ga van jezelf uit, ga dingen doen, dan komt er vanzelf iets op gang." De traditionele opening van het toeristisch seizoen vond gisteren plaats in de Skidôme in Rucphen, in samenwerking met de Kamer van Koophandel. Voor de afsluitende borrel lijkt het echter meer een congres van webondernemers en marketeers dan een bijeenkomst van ondernemers in de toeristenbranche.
Posted: April 30, 2010, 10:40 AM | Comments (0) |

Foto Wikimedia Commons
Waar is de tijd gebleven dat ik in één jaar tijd mijn eerste Puch én zijn opvolger Tomos op een aanhangwagen van de politie voorgoed uit het zicht zag verdwijnen?
In beslag genomen, nadat ze er geen rollenbak voor nodig gehad hadden om te constateren dat mij tufffertjes iets te effectief opgevoerd waren. Hermandad reed eind jaren zestig in Breda in klassieke Kevers.
Die VW'tje, mét sirene en zwaailicht, konden mijn snelle huisvlijt maar amper bijhouden op de binnensingel bij de Chassé kazerne. Dat was tweemaal zes weken vakantiewerk wat verschroot werd en daarmee had ik mijn lesje wel geleerd.
Veel ouder, een klein beetje verstandiger en nog steeds weemoed naar die Puch met sexy fietsstuur, lijkt het me geen gek idee om alle auto's te gaan voorzien van een begrenzer.
Wie zich netjes aan de maximumsnelheid houdt heeft er geen last van en wordt als bonus niet meer ingehaald door allerlei figuren die overal lak aan hebben. Is eindelijk de rechtsongelijkheid tussen twee- en vierwielers de wereld uit.
Dat een brommer harder kán dan vijftig is voldoende reden om hem in een schrootpers te stoppen. Intussen worden auto's vrolijk aangeprezen met een maximum-snelheid waarmee een Boeing opstijgt.
De reden is simpel: geen politicus die zijn fikken eraan wil branden. Dezelfde partijen die doorgaans het meeste kabaal maken over verkeersveiligheid en emissie doen er wijselijk het zwijgen toe als het om de meest effectieve manier gaat om die nobele doelen te bereiken.
Het is het één of het ander, heren. Die begrenzer moet er komen. Zo niet, dan stap ik naar het Europese Hof om mijn brommers terug te eisen.
Posted: April 24, 2010, 11:16 AM | Comments (0) |

Genoten van de vulkaanuitbarsting? Prachtige oerbeelden, die ons inprenten dat we met zijn allen op een bal kokend magma wonen, waarvan alleen de korst een beetje gestold is. Soms opent zich een scheurtje in de soufflé en laat de aarde een megascheet.
Balkenende, die in Kopenhagen kooldioxide terug wilde twitteren, noemt het nu 'buitengewoon naar en vervelend' dat de vliegende Co2-fabrieken tijdelijk niets uit kunnen stoten.
De natuur is nu de baas: "Daar kan de overheid niets aan doen."
Een interessante redenering, in aanmerking genomen dat wat er momenteel uit IJsland aan rommel overwaait en neerdaalt zomaar een veelvoud zou kunnen zijn van wat we in Europa met z'n allen in een jaar produceren.
Een beetje vulkaan spuugt al gauw megatonnen aan fijnstof, zwavelzuur en kooldioxide de lucht in. Sommige onderzoekers veronderstellen dat de Krakatoa, toen die van mei tot en met augustus 1883 hevig de hik had, meer Co2 uitgestoten heeft dan de complete mensheid tijdens de industriële revolutie daarna.
Honderd jaar eerder was er ook een vulkaanuitbarsting op IJsland, van de Laki. Europa kende daardoor in 1783 een ijzige zomer en de daaropvolgende winter werd een van de strengste in de jongste geschiedenis.
Waarom zou te veel kooldioxide destijds tot strenge winters hebben geleid, terwijl hetzelfde fenomeen tegenwoordig opwarming van de aarde zou moeten veroorzaken?
Luister maar niet naar wat politici daarvan vinden, of door groene partijen betaalde onderzoeksinstituten.
Posted: April 17, 2010, 09:38 PM | Comments (0) |

Autotron Rosmalen, 9 april 1981. Ik was er voor de krant, waarschijnlijk een persconferentie. Reinoud Roscam Abbing maakte deze foto, voor een Mercedes 300 SL cabrio. Bouwjaar waarschijnlijk 1955, maar ik heb de auto daarna nooit meer gezien. Een kentenkencheck op de site van de RDW is negatief.
Mijn goed voornemen begin dit jaar: in 2010 gaan alle dia's, foto's en negatieven uit mijn analoge verleden digitaliseren. Op zolder staat een dozijn plastic containers, die tien sleden met honderd dia's bevatten. Het was geen sommetje van het nationale rekendictee, maar een moeizaam probleem dat al jaren in mijn hoofd spookt.
Ooit zullen ze allemaal ingescand moeten worden, maar ga daar maar eens voor zitten. Komt nog bij dat elders op zolder ook nog wat schoenendozen met ooit afgedrukte foto's en enveloppen vol negatieven liggen. Ook die moeten bekeken, geselecteerd en gedigitaliseerd worden.
Over de productie in de jaren nul van deze eeuw hoef ik me geen zorgen te maken. Ik was er vroeg bij; in september 1995 kocht ik - via internet - mijn eerste digitale camera, een Apple Quick Take. Niet dat ik daar achteraf veel aan gehad heb: de met die camera gemaakte foto's zijn van het formaat postzegel.
Tot 2001 was het een speeltje, op reis vergezeld door een analoge Pentax M10. Medio 2000 arriveerde de eerste Canon Ixus, en daarna is er alleen nog maar digitaal gefotografeerd. De productie van de eerste Ixus en zijn geevalueerde opvolgers is naar harde schijven gekopieerd, thuis of op het internet, en naar backup schijven, thuis of ergens op de cloud, het web.
Want als al het scanwerk ooit gedaan is, dan is de back-up van levensbelang. Om helemaal zeker te zijn van uw zaak: maak een back-up van de back-up, plaats ze fysiek zo ver mogelijk van elkaar. Aan een back-up die naast een back-up ligt heb je niet zoveel, in geval van brand of inbraak.
Een goede raad: koop geen nieuwe scanner. Je gebruikt hem immers maar een keer. Ook al zal het dagen of weken duren voor al die sledes er doorheen gegaan zijn: op dat moment is je scanner afgeschreven. Want je hebt hem nooit meer nodig. Gelukkig zijn er duizenden mensen die iets meer tijd of discipline hadden dan wij, en daarom barst het op Marktplaats van de scanners.
Niet verrassend: bijna allemaal nauwelijks gebruikt. Doe daar uw voordeel mee, maar let intussen op de advertenties die opduiken als u op internet naar de juiste scanner zoekt. Het barst ook van de aanbiedingen van bedrijfjes die al voor een tientje per dag professionele scanners verhuren, of die tegen een vergoeding al uw dia's op cd of usb-stick schrijven.
Als ze eenmaal op de harde schijf van uw computer staan, begint voor sommigen het echte werk: categoriseren, indexeren, onderschriften maken en krasjes oppoetsen. Anderen zullen het wel geloven, een diashow aantrappen en met de hele familie verbaal de onderschriften aanleveren. Programma's te over.
Op mijn Mac's draait iPhoto, de back-ups worden opgeslagen op de TimeCapsule en naar elders. Op Windows zou ik Picasa gebruiken, een perfect programma, zowel op de computer thuis als voor de Picasa albums op Internet. Op naar de zolder, via Marktplaats: eind 2010 heb ik mijn boeltje op orde.
+++++++++++++++
Bovenstaand schreef ik voor het Oudjaarsnummer van de krant, en na twee maanden Zuid Afrika heb ik de nodige actie ondernomen. Via Markplaats de scanner gevonden waar ik naar op zoek was: een HP Scanjet 4850. Waarom die? Een drukkerij die me een proefafdruk stuurt van een foto die ik goed ken. Die proefadruk ziet er zo perfect uit dat ik ze terugmail met de vraag - naast de complimenten - wat voor scanner ze gebruikt hebben.
Antwoord: HP Scanjet 4850.
Op naar Marktplaats, en daar blijkt er eentje in de aanbieding te zijn, nauwelijks gebruikt. Voor drie tientjes opgehaald in Zuid Limburg, en hoppa, aan het scannen.
Achteraf gezien heb ik mazzel gehad, want er blijkt pas sinds 16 maart door HP een een driver beschikbaar gesteld te zijn voor Mac OS X 10.6 (oftewel Snow Leopard), het besturingssysteem op mijn MacBook Pro.
Ik was er zonder dat verder na te kijken vanuit gegaan dat die er al al lang zou zijn. Was dat net zo geweest dan had k hem aan mijn oudere iMac moeten hangen, en die is een stuk langzamer dan die MacBook.
De driver gedownload en geinstalleerd werkt-ie al een tierelier. Ben er zondag een paar uur voor gaan zitten, en al een tweehonderd oude foto's afgewerkt.
De dia's moet je niet in een keer wilen doen. Ik hou een doos bij de hand, iedere dag een verloren kwartiertje, en voordat je het weet ben je een half jaar verder en ben je er klaar mee; eind van jet jaar moet dat voornemen afgewerkt zijn.
Nou de rest nog :-)
Posted: April 13, 2010, 09:48 PM | Comments (0) |

Jacco (links) en Henk Verhaeren. Foto Thom van Amsterdam
De een werd als klein knulletje door de ander zo hard voorbij gezwommen dat hij geen zwemmer wilde worden. De ander werd later door zwemmers met nÛg meer talent ingehaald en trok dezelfde conclusie. Wat zijn toekomst was wist hij wel: professioneel zwemtrainer, zwemcoach. Dat werd hij, aanvankelijk tegen de stroom in, maar hij bereikte de wereldtop als coach en trainer van Olympisch kampioenen. De ander schreef er een boek over. Twee broers; geboren en getogen in Rijsbergen: de zwemtrainer en de schrijver; Jacco en Henk Verhaeren.
'Boven water', heet het, en wie de afgelopen veertien jaar niet onder water heeft doorgebracht, kent Jacco. Onder zijn leiding stoomde een generatie zwemmers naar de wereldtop, naar wereldrecords en wereldtitels, en meermalen Olympisch goud voor Pieter van den Hoogenband, Inge de Bruijn en de Nederlandse estafettevrouwen.
Het curriculum vitae is een pagina persoonlijk, gevolgd door zes pagina's tussen 1996 en 2010 door zijn pupillen behaalde titels.
Gaande de productie van het boek hebben de twee broers elkaar zo mogelijk nog beter leren kennen. "Een stuk of vijfentwintig sessies van anderhalf uur praten", schatten ze eensgezind in. Jacco dicteerde, Henk nam met een recorder op, en tikte integraal uit. Daarna begon het echte werk: kiezen, inkorten, bijschaven, redigeren, allebei nalezen, en dan nog wat keren op en neer, over en weer. Zoals een zwemtraining.
Het boek begint met voor Breda en de zuidflank van de Parel van het Zuiden bekende herinneringen. Al voor ze leerden lopen spartelden ze rond in het pierenbadje en in het zwembad van de buurman in Rijsbergen. Of kropen ze onder het biljart in het CafÈ De Kouter aan de Antwerpseweg, als uitbaatster Oma Mien een lastige klant de deur uitknikkerde.
Gezwommen werd er in De Wildert in Zundert, in Etten-Leur en Hoeven, het Sportfondsenbad en De Wisselslag in Breda. Zomers lang iedere dag op de fiets naar De Galderse Meren. Van de brug over Haringvliet springen, met blauwe ribben als gevolg.
Boven Water is een lange monoloog van ruim 140 bladzijden, in de stijl die bijvoorbeeld Bibeb en Ischa Meijer bij voorkeur hanteerden. Heel toegankelijk, nooit saai of belerend, een kijkje in de koppige kop van een zwemtrainer die als 14-jarige besloot om dat te worden.
Prachtige anecdotes in de eerste hoofdstukken, maar toch geen biografie, geen sportboek, geen trainingsbijbel. Van alle drie een beetje, maar vooral een wegwijzer voor wie streeft naar succes, waarin dan ook.
In Het Stadspaviljoen in Eindhoven wisselen ze elkaar af, terwijl ze elkaar aanvullen.
"We wilden geen boek vol name-dropping", zegt de een. "Het moest ook niet overlopen van wollige theorie", aldus de ander. De een: "Je zou het als een management boek kunnen zien en gebruiken". De ander: "Ja, ik wilde wel graag een keer mijn visie goed verwoord zien".
Wat beklijft is het beeld van de 14-jarige Jacco die zwemtrainer wil worden. Tot begin jaren negentig een niet bestaand beroep, hetgeen iedereen, de docenten van het CIOS voorop, tevergeefs aan zijn verstand probeerden te brengen.
"Daar viel geen droog brood mee te verdienen", beweerden ze, "zwemtrainers waren toen nog badmeesters met een bijbaantje", aldus de huidige technisch directeur van de Koninklijke Nederlandse Zwembond.
Om zijn doel te bereiken nam hij een baantje als badmeester aan in het zwembad in Sittard. Voor en na de trainingen poetste hij de plee en dweilde de kleedkamers, gefocust op zijn enige doel; professioneel zwemtrainer worden.
Dat op een leeftijd waarop anderen van profvoetballer, piloot, discjockey of misschien trambestuurder dromen. Waarom?
Bijna verwonderd, met een hartverwarmende openheid: "Geen idee. Dat heb ik me vaak afgevraagd. Vanaf mijn veertiende wilde ik zwemtrainer worden. Punt uit. Nadat ik die keuze gemaakt had bleef ik daarbij. Als je luistert naar mensen die je van je passie af willen praten, ga je je roeping niet achterna, zal je een droom nooit waarmaken".
De ander knikt terwijl hij luistert. Hij wilde schrijver worden. Het huwelijk van hun passies is 'Boven Water'.
Boven Water. Tiron Uitgevers. Auteur: Henk Verhaeren.
ISBN 10: 9043913308
ISBN 13: 9789043913300
Posted: April 11, 2010, 12:13 AM | Comments (0) |

Prosper Ego in zijn appartement, met uitzicht op de Watertoren aan de Wilhelminasingel. Foto Thom van Amsterdam.
De rek en het vuur zijn er na bijna zestig jaar uit. De Stichting Oud Strijders Legioen wordt op termijn opgeheven, maakte aanvoerder Prosper Ego onlangs bekend. Een gesprek met de voorman van de roemruchte conservatieve stichting.
Het is een regel uit een oud soldatenliedje, in zijn afscheidsrede onsterfelijk gemaakt door generaal Douglas MacArthur: Old soldiers never die, they fade away. Oud-strijders blijken niet alleen te verdwijnen, maar soms ook geen tijd, of geen zin meer te hebben.
In linkse kringen zal er geen traan om worden gelaten, maar de Stichting voor Vrijheid en Veiligheid OSL/Stichting Oud Strijders Legioen wordt op termijn opgeheven. Dat maakte voorman Prosper Ego twee weken geleden bekend in de laatste nieuwsbrief van de 58 jaar oude, roemruchte conservatieve stichting.
Het clubblad van de organisatie, de Sta Vast, was al wijlen. Zijn kantoor is gesloten, de volledige jaargangen, de dossiers en zijn archief heeft Ego aan het Nationaal Archief geschonken.
Prosper Ego stopt nu ook met de nieuwsbrief omdat medewerkers en begunstigers in aantal teruglopen en het ontbreken van een secretariaat opbreekt.
„De abonnees van Sta Vast beginnen uit te sterven en het is tegenwoordig steeds moeilijker om vrijwilligers te vinden. Dat lijkt helaas een maatschappelijk fenomeen. Er zijn er wel nieuwe veteranen bij gekomen, van Libanon en Bosnië tot Afghanistan, maar die hebben allemaal hun eigen organisatie. Ik geloof dat er in Nederland inmiddels meer dan dertig verschillende clubs van veteranen bestaan.”
In de hoogtijdagen werd het blad op 14.000 adressen bezorgd en waren de zalen te klein uit als het OSL een congres organiseerde.
Dat was begin jaren tachtig toen honderdduizenden tegen de komst van de kruisraketten demonstreerde. Waar Ego en de zijnen met alle plezier voor de luizen in de pels van links Nederland speelden en vliegtuigen met sleep boven de demonstranten opdoken. De teksten: ‘Liever een raket in de tuin dan een Rus in de keuken’ en ‘Eenzijdige ontwapening? Miljoenen willen dat niet’.
Dat was toen, en nu is nu.
De wereld is veranderd; was er überhaupt nog reden om de stichting in de lucht te houden?
„Maar natuurlijk”, zegt Ego. „Waakzaam zullen we altijd moeten blijven. Kijk maar naar de geschiedenis, en wat zich daarin allemaal heeft herhaald.”
De stichting wordt op termijn geliquideerd, maar de achterban, die nu nog uit 2400 mensen bestaat, krijgt, als daar acute aanleiding toe is, in de toekomst nog wel een e-mail. Van de 2400, veelal bejaarde leden van het OSL maken er rond de 1800 gebruik van een computer en een internetverbinding.
„We blijven nog even in de lucht, maar op een gegeven moment moet je realistisch worden en een besluit nemen. Zowel de rek als het vuur is eruit.”
Prosper Ego, zijn ouders kwamen uit Zeeuws Vlaanderen, oogt jeugdiger dan zijn 82 jaar, zoals altijd keurig gekapt en in het pak, bekroond met dé stropdas. Dezelfde stropdas die George Bush senior op een van de foto’s draagt, ooit door Ego aan hem geschonken.
In ‘Een man van Sta-Vast’, het boek dat Vincent Dumas in 2008 over Prosper Ego en de geschiedenis van het Oud Strijders Legioen (OSL) schreef, staan enkele tientallen foto’s. Ego met Joseph Luns, Bob Smalhout, Joop van Tijn, Hans van Baalen, Mat Herben.
Ze hangen ook in zijn werkkamer, acht hoog in een prachtig appartement in een van de vijf woontorens op het Bredase Chassé park, aan alle kanten heeft hij uitzicht over Breda.
De man van stavast poseert met Amerikaanse generaals, een president, een Afghaans stamhoofd.
Wat opvalt: er is nauwelijks een foto te vinden waarop Ego serieus, fronsend, moeilijk of kwaad kijkt.
U bent kennelijk een tamelijk optimistisch en opgewekt type, is er wat dat betreft verschil tussen linkse en rechtse mensen?
„Nou, valt wel mee hoor, maar als je met hen aan tafel zit om eens lekker te eten, dan wordt toch nog regelmatig geklaagd over de misstanden in de wereld. Terwijl op dat moment, of je dat bord nou wel of niet leeg eet, elders in de wereld niets verandert. Geniet eens een keer ergens van, denk ik dan.”
Rechts en aartsconservatief heette Ego, die in zijn leven duizenden ingezonden brieven geschreven moet hebben aan alle kranten in Nederland, immer ondertekend door P. J. G. A. Ego. Maar binnen zijn eigen club is hij ook een liberaal, die er in in 1995, tot ongenoegen van een groot deel van zijn aanhangers, voor pleitte om nou eindelijk eens Duitsers uit te nodigen voor de nationale Dodenherdenking.
Datzelfde jaar liep hij tegen een veroordeling op vanwege een artikel in Sta Vast, waarin zo ongeveer alles wat niet-Nederlands was, voor het gemak over één criminele kam geschoren werd.
Ego staat onvoorwaardelijk achter de monarchie, maar die liefde bleek zes jaar geleden niet stekeblind, toen hij zei: „Ik vind Beatrix een echte vorstin maar kijk eens even wat er nu allemaal naar binnen schuift. De monarchie blaast zichzelf zo nog op.”
Een lintje ontbreekt op zijn revers, maar dat ligt niet aan die uitspraak over het Koninklijk Huis: „Tja, dat kan natuurlijk niet meer door die veroordeling in 1995. De tekst van dat artikel was niet eens van mijzelf. Maar ik wilde me niet verschuilen achter mijn medewerker. Ik sta pal voor mijn mensen. Ach, mijn tegenstanders ter linkerzijde zijn nooit veroordeeld. Zij hebben allemaal een lintje gekregen, ik vanwege mijn strafblad niet. Nu ja, dat is het ergste niet. Mijn belangrijkste onderscheiding is de steun van mijn begunstigers. Ik heb nooit een cent subsidie ontvangen.”
Als u achterom kijkt, is er dan iets, waarvan u denkt, nou daar heb ik helemaal mis gehad?
Na enig aarzelen: „Zuid-Afrika. Daar ben ik achteraf anders over gaan denken. Daar zijn tijdens de apartheid dingen gebeurd waardoor ik het met dat beleid niet eens had moeten zijn.”
Maar zelfs in de tijd dat u achter het beleid in Zuid Afrika stond, konden ze u toch moeilijk van racisme beschuldigen, gezien het feit dat u destijds met een Indische vrouw was getrouwd?
Hij herinnert zich een journalist van Vrij Nederland, of De Groene Amsterdammer, in elk geval links, die hem aan de vooravond van een bijeenkomst van het OSL belde met de vraag of er ook kleurlingen aanwezigen zouden zijn. Volgens Ego verwachtte deze een ontkennend antwoord. ‘Ja hoor’, antwoordde Ego echter, ‘mijn vrouw’. Waarop verder geen vragen meer werden gesteld. „Maar ja, die types zaten ook wel eens klem als ze op een bijeenkomst van het OSL verschenen, waar dan Pim Fortuyn en David Pinto bleken te spreken. Oftewel: een homoseksueel en een allochtoon van Berberse afkomst. Dat konden ze ook niet goed plaatsen.”
Hoe nu verder?
„Zo lang mogelijk genieten, met mijn partner, en de kleinkinderen. Ik ben een dankbaar en gelukkig mens die altijd veel geluk gehad heeft.”
Posted: April 09, 2010, 10:33 AM | Comments (0) |

Hare Majesteit Beatrix toonde zich in haar Kersttoespraak nogal scpetisch over de wondere wereld van internet, maar haar oudste zoon Prins Willem Alexander heeft vanmorgen desondanks een bezoek gebracht aan Google.
Het bezoek van de Kroonprins, aldus een persbericht van Google, stond in het teken van nieuwe trends op internet.
De Prins van Oranje werd geinformeerd over de bijdrage van internet aan economische groei en economisch herstel en sprak onder meer met enkele ondernemers die online zaken doen.
Vervolgens kreeg hij informatie over internet als bron van innovatie. Ook werd gesproken over mogelijke toekomstige ontwikkelingen, zoals verbeterde zoekmogelijkheden door inzet van spraak en beeld en het combineren van mobiel internet en geografische informatie.
Tenslotte werd ingegaan op YouTube, waarbij ook de recente lancering van het Koninklijk Huis YouTube-kanaal op 18 maart jl. aan de orde kwam.
Kennelijk heeft de rede van Beatrix het een en ander losgemaakt binnen de Koninklijke Paleizen en de Rijskvoorlichtingsdienst, maar op een andere manier dan De Majesteit zelf op dat moment vermoedde.
Zo verwoordde ze het eind december nog:
Door het internet gaat volgens de koningin 'het gemeenschapsgevoel' verloren. 'De moderne technische mogelijkheden lijken mensen wel dichter bij elkaar te brengen, maar ze blijven op 'veilige' afstand, schuilgaand achter hun schermen. Wij kunnen nu spreken zonder te voorschijn te komen, zonder zelf gezien te worden, anoniem. Domweg, grofweg emoties uiten is makkelijk geworden. Op spreken zonder respect wordt niemand meer afgerekend'.
Drie maanden later heeft het Koninklijk Huis een eigen channel op YouTube, is de website van het Koninklijk Huis (weliswaar nog geen 2.0 :-) in dezelfde royale layout opgepoetst, en waait er een andere wind door de paleizen.
Ik ben razend benieuwd naar de volgende toespraak van Bea waar het woord internet in voorkomt.
Posted: April 08, 2010, 02:59 PM | Comments (0) |

Net voordat mijn moeder na een paar jaar verkering voorgoed leek af te reizen in de armen van meneer Alzheimer, besloot een hogere kracht dat het welletjes was. Na een gezellig weekeinde is ze in haar eigen bed stilletjes ingeslapen, een glimlach op het gezicht.
Waarmee haar verder lichamelijk en geestelijk ongemak bespaard gebleven is. Verdriet en verlorenheid zijn er niet minder om, maar er zweeft een zweem van opluchting omheen.
En grote dankbaarheid, voor de engelen van Oranjehaeve. Waar de verzorgers en vrijwilligers voor haar een schoon en warm thuis waren.
Waarom slaagt het ene tehuis er tegen alle bezuinigingen in de eindjes aan elkaar te knopen, en het andere, in dezelfde stad, niet?
Daar waar we haar anderhalf jaar geleden woedend weggehaald hebben, omdat de zorg in alle opzichten tekort schoot. Waar een hele afdeling vol demente bejaarden 's avonds zonder enig toezicht bleek, waar dikke vlokken stof zich onder haar bed ophoopten.
Waar de directeur zich desondanks danig op de tenen getrapt toonde toen we een enquête naar eer en geweten invulden, zodat het rapportcijfer onder nul uit bleek te komen.
Het zal in de genen van de leiding en van de hele organisatie zitten. Zoals je bij het ene bedrijf binnenloopt en aan de balie merkt dat het goed is.
Zoals je bij een andere toko op de drempel omdraait, omdat er niks van klopt.
Soms vergis je je en zit je later met de gebakken peren.
Zo is het ook in de zorg. Let op uw zaak, vraag bewoners en bezoekers de oren van het hoofd voordat u een dierbaar iemand achterlaat.
Posted: April 05, 2010, 10:00 AM | Comments (0) |