Krijnen.Com Krijnen.Com

Het kan nog steeds alleen maar beter worden

‘Het kan alleen maar beter worden’ stond er een jaar geleden boven de laatste Interface van 1995. Ik heb er nu maar twee woordjes aan toegevoegd want ik heb het gevoel dat ik dat stukkie eergisteren geschreven heb. En ook al prijkt boven deze rubriek een analyse van het afgelopen jaar van de hand van Nico Koolsbergen, ik waag me maar weer even aan een persoonlijke terugblik op momenten van computer-vreugde en -ellende die ik in 1996 heb mogen ondervinden.

Happy Christmas, Big Brother

De vaste bezoekers van De Stem Online hebben het wellicht al gemerkt: we hebben er de afgelopen week een paar overzichtsfoto’s van de redactie aan toegevoegd plus een colofon. In dat colofon vindt u de namen van alle redacteuren die op dit moment in dienst zijn. Degenen die al een E-mail-adres hebben, springen er blauw en onderstreept uit zodat een snelle telling leert dat tien procent van de ongeveer tachtig redacteuren thuis een internet-aansluiting heeft.

Those magnificent men in their flying machines

Een van mijn favoriete films is nog altijd Those magnificent men in their flying machines. Prachtig. Vraag me niet meer wat het verhaal was want dat weet ik niet meer. Doet er ook niet toe, want waar het om ging waren die mannen met snorren en leren mutsen die een met ijzerdraad en lijm aan elkaar hangend zootje doek en blik omhoog wisten te krijgen. Als ze eens een keer goed hard tegen de grond kwakten stond alleen die muts scheef als ze weer uitstapten en moest er hooguit een punt van die snor gefatsoeneerd worden en hadden ze een paar olievlekken op een wang. Ver van de historische werkelijkheid allemaal, maar dat maakt allemaal niet uit in zo`n comedie. Maar dat was tenminste écht vliegen, in een Tiger Moth of in een écht Fokkertje, zo`n Triplane waarin de Red Baron furore maakte.

Beatles en Tandys: Oldies but Goldies

‘We zijn bij Groenland linksaf gegaan’ zei John Lennon op 8 februari 1964 bij de eerste aankomst van de Beatles ooit op Kennedy International toen een Amerikaanse journalist hem vroeg hoe hij Amerika vond. ‘Arthur’, antwoordde George Harrisson toen een ander hem vroeg hoe ze die vreemde haardos van hem moesten noemen. En dat zijn haar in het vliegtuig nog geknipt was toen weer een ander met zo’n gleufhoed op de gemillimeterde kop vroeg of het geen tijd voor een hair-cut werd.