logo-bns-app.png



« In de beperking toont zich de meester | Index | Laat de millenniumbug maar komen »

October 30, 1999, by Léon Krijnen

Ze doen veel dingen goed, de boys van Bill   

Ik mag af en toe misschien wel eens mopperen op Microsoft, als er weer eens iets vastloopt, maar ik moet toch toegeven dat ze ook verrekt aardige dingen maken. Zoals dat Access bijvoorbeeld, al zal ik er in maart 2000 misschien een dagje voor uit moeten trekken voordat ik ons eigen systeem RPLS-X weer onder de knie heb. Vraag me niet waar die X voor staat, want ik zou het niet weten.

RPLS, als ik me niet vergis, staat voor redactioneel pagina lay-out systeem. Als een verlenging van RPLS - waarmee verslaggevers, lay-outers, fotografen en eindredacteuren iedere dag een krant proberen te maken - heeft programmeur Bob Kennedy in Visual Basic de prachtige applicatie RPLS-I geschreven voor de internet-redacties van de VNU-Dagbladengroep.
Die I stond dus voor internet, maar waarom ze er nou een X in plaats van een I achter geplakt hebben weet ik niet. Hoe dan ook, X draait op Access en als ik zie hoe Microsoft die database in elkaar gestoken heeft, dan denk ik altijd dat ze daar in Redmond toch zo gek niet zijn.
Wat een mooi programma en een ongelooflijke hoeveelheid mogelijkheden. Wij gebruiken het om de dagelijkse bulk artikelen die u op de website van BN/DeStem Online aantreft bij elkaar te vissen vanuit weer een andere database.
Waarmee ik mezelf tegelijkertijd realiseer dat het met dat internet nog lang niet is wat het ooit zou moeten worden. Want het is een ommelandse reis die een verhaaltje maakt voordat u het op de webserver kunt lezen. Ga dat traject met mij even na. Om te beginnen is daar die database waaruit de krant samengesteld wordt en die dagelijks gevuld wordt met honderden nieuwe artikelen van verslaggevers, free-lancers, medewerkers, correspondenten, persbureaus en een commentaartje van de hoofdredactie.
Die database, da's dus RPLS. De internet-redactie laat RPLS-X los op RPLS en wat voor de website nodig is, wordt door de mangel gehaald, tot HTML vertaald en van indexen voorzien. Vervolgens wordt alles naar een webserver gestuurd, waarop het Netscape Publishing System draait, en da's dus de derde database waarin alles nog een eens een keertje netjes op een rijtje wordt gezet voordat het op het web verschijnt.
Nou sla ik voor het gemak nog een tussenstation over, voordat u in slaap valt, maar ik wil er maar mee aangeven dat heel moeilijk gedaan wordt wat volgens mij allemaal veel gemakkelijker kan. Expliceer je bovenstaande doolhof aan een programmeur die een beetje thuis is in voorraadbeheer of geldverkeer, dan wijst-ie naar zijn voorhoofd. Maar omdat uitgeven een vak apart is en dagbladen met net zoveel verschillende CAO's als computersystemen gemaakt worden, gaat dat nou eenmaal zo. Ik wed dat het vanzelf simpeler zal worden, een eenvoudige vertaalslag aan de bron lijkt mij meer voor de hand liggen, maar als gelouterde scepticus vermoed ik dat het nog even zal duren.
Dus ben ik weer waar ik begon, want zolang het niet vanzelf gaat, zal ik het komende voorjaar dagelijks weer net zo vrolijk als altijd in Access commando's zitten kloppen en weer vol bewondering constateren wat een mooi programma de boys van Bill Gates gemaakt hebben. Tsjonge jonge, ze kunnen het best en als ze er nou ook nog eens in slagen om Windows versie zoveel helemaal stabiel te krijgen, is mijn leven helemaal perfect.
Zoiets schrijf ik uit gewoonte, terwijl dat eigenlijk een beetje lullig is. Want wat is er nou eigenlijk instabiel aan Windows 98? Afkloppen, maar in de voorbijgevlogen acht maanden dat ik die Toshiba Tecra door een stuk of dertig verschillende Amerikaanse en Canadese staten heb gesleept en vrijwel dagelijks even online geweest ben, is het besturingssysteem niet n keer onderuit gegaan.
Er zitten wel twee zwarte vlekjes op mijn hard-disk, hetgeen me een halve dag ellende opgeleverd heeft. Want natuurlijk ontstaat zo'n 'bad sector', zeg maar een soort maagzweer op de harde schijf, uitgerekend precies op de plek waar Windows 98 gegevens heeft weggeschreven die hij bij het afsluiten weer nodig heeft. Dus weigert het systeem het om zichzelf af te sluiten en moet er eerst een 'scandisk' worden gedraaid.
Natuurlijk duurt het scannen van die schijf op de Toshiba ongeveer drie kwartier en natuurlijk zet die Toshiba, nadat ik 44 minuten heb zitten toekijken wat ie allemaal uitspookt, zichzelf spontaan uit. Dat zijn van die momenten waarop ik serieus overweeg het ding het raam uit te gooien, maar daar kan Windows allemaal niks aan doen.
Het begon met een hardware-probleem, zoiets als een kras op de disk, en het eindigde met het 'power management' van de Toshiba dat buiten Windows om geregeld wordt. Goed, na twaalf keer scannen en herstarten loopt alles weer en dat het 56K6 modemkaartje van IBM de hik kreeg, heeft ook niks met Windows te maken.
Dat heeft-ie zelfs keurig hersteld, nadat ik het ding er maar gewoon uitgetrokken had, de software gekilld en het kaartje weer teruggestoken. Windows herkende het prompt, haalde diep uit zijn eigen ingewanden een nieuwe driver tevoorschijn, installeerde die en alles werkte weer. Dat zijn van die momenten waarop ik tot de conclusie kom dat ze een aantal dingen toch goed doen, die jongens van Microsoft. Ik ben in de stemming, dus ik ga maar meteen door: mijn nieuwe muis is een juweeltje. Het wordt misschien vervelend, maar ook al van Microsoft: de IntelliEye. Ik heb hem eergisteren in de Microsoft Shop in het Metreon Sony Center in San Francisco gekocht. Ik weet niet wat-ie in Nederland moet kosten, maar ik moest er zestig dollar voor betalen.
Honderdtwintig piek lijkt misschien wat veel voor een muis, maar ik wilde dat ik het ding tien jaar eerder gehad had. Hij ziet er uit als een gewone Intelli Mouse, maar het verschil zit aan de onderkant: geen balletje. Geen bewegende onderdelen, maar een infrarood oog. Mijn cursor hapert helemaal nooit meer, op wat voor ondergrond je hem ook gebruikt.
Ik heb hem inmiddels op spiegelgladde tafels gebruikt, op een spiegel, op een oude trui en op een natte krant: de muis werkt gewoon, zonder haperen. Ideaal en alle muismatten kunnen naar het museum of in de vuilnisbak. Ik zal van de week wel weer de nodige mailtjes krijgen van Linux of Mac-adapten, maar het is niet anders: ze doen een hoop dingen verrekte goed, de boys van Bill.

Posted: October 30, 1999 02:10 AM (1040 words).   

Comment over here or on my Facebook wall . . .